Op mijn 14e, in 1976, kocht ik mijn eerste instant camera, waar ik na een jaar al weer zat van was. Mijn buurjongen, Martin Roemers, nu een bekend beroeps-fotograaf, was al vroeg in de weer met camera's en daardoor kocht ik ook al snel mijn eerste spiegel reflex, de Pentax SL nog zonder belichtingsmeter.

Bij het maken van de foto moest je dan nog zelf de belichting inschatten, daar werd je dan aardig bedreven in. Je kon het resultaat niet direct zien en moest dus wel instellingen inschatten.

Later met diverse spiegelreflexcamera's gefotografeerd, zoals de ME Super in 1982 en de Super A in 1989. Na verlies van mijn camera tijdens een vlucht in 1999 heb ik, als laatste analoge spiegelreflex, de Minolta 505 Si, met basis een Sigma 28 - 200 mm lens.

Om voor het gezin een gemakkelijk te bedienen camera te hebben kwam hiervoor in de plaats de compactcamera Minolta Z5, met een zoombereik 28 - 400 mm. Eind 2008 jaar liet ik deze, op een trip naar het Nannewiid bij -12 °C recht op zijn lens vallen en toen was tie stuk.

Digitaal

In 2009 kocht ik toen (weer) een Pentax, de K20D met een Sigma 18-200 mm lens. Veel fotoos mee gemaakt.

In 2019 kocht ik mijn laatste camera, de Pentax Kp. Hier ben ik nu dus mee aan het experimentern.

Onderwerpen: Dorpjes, gevels, structuren

Wat ik vooral leuk vind om te fotograferen zijn de wat stillere, minder toeristische gebieden en vaak ook kleine dorpjes. Ik zie liever de achteraf-wijken, of veel tijd nemen om mensen te observeren. Dat heb ik in de vakantie helaas niet te veel voorhanden.

Mijn voorliefde voor kleinere dorpjes komt ook vaak uit toeval voort, waar je op vakantie komt zijn er vaak hele mooie dorpjes, die je vaak in de haast voorbijrijd.